NieuwSyncentra is live — plan vandaag uw gratis demo.

Demo plannen

Klaar om slimmer te werken?

Ontdek tijdens een gratis persoonlijke demo hoe Syncentra uw werkorders, planning, monteurs en administratie samenbrengt in één overzichtelijk systeem.

  • Gratis en vrijblijvend
  • Afgestemd op uw bedrijf

Contact

Volg Syncentra

Terug naar alle artikelen

BRL 100 versie 3.0: 5 veranderingen sinds 31 augustus 2026

Update 1 september 2026: BRL 100 versie 3.0 is sinds 31 augustus 2026 officieel van kracht. Voor koeltechniekbedrijven is dit geen toekomstige wijziging meer: procedures, certificaten,…

Syncentra13 min lezen
BRL 100 versie 3.0

Update 1 september 2026: BRL 100 versie 3.0 is sinds 31 augustus 2026 officieel van kracht. Voor koeltechniekbedrijven is dit geen toekomstige wijziging meer: procedures, certificaten, veiligheidsmaatregelen en registraties moeten nu op de vernieuwde beoordelingsrichtlijn worden afgestemd.

De belangrijkste verandering is dat BRL 100 versie 3.0 niet meer uitsluitend draait om werkzaamheden met F-gassen. Ook natuurlijke koudemiddelen zoals koolwaterstoffen, CO₂ en ammoniak vallen binnen de vernieuwde certificeringsscope.

Heeft uw onderneming al een BRL 100 versie 2.0-certificaat? Dan hoeft u niet direct een extra audit aan te vragen. De eerstvolgende reguliere audit na 31 augustus 2026 wordt gebruikt als transitie-audit. Nieuwe certificatieaanvragen die na deze datum worden ingediend, worden uitsluitend beoordeeld volgens BRL 100 versie 3.0.

In dit artikel leest u de vijf belangrijkste BRL 100-wijzigingen van 2026, wat het verschil is tussen versie 2.0 en 3.0 en welke acties uw koeltechniekbedrijf nu moet uitvoeren.

Kort samengevat: BRL 100 versie 3.0 breidt de certificering uit naar natuurlijke koudemiddelen, introduceert drie deelgebieden en stelt uitgebreidere eisen aan veiligheid, kwaliteitsmanagement, vakbekwaamheid en aantoonbare registratie.

BRL 100 versie 2.0 en 3.0: het verschil in één overzicht

OnderwerpBRL 100 versie 2.0BRL 100 versie 3.0 vanaf 31 augustus 2026
KoudemiddelenVoornamelijk gericht op F-gassenF-gassen, koolwaterstoffen, CO₂, ammoniak en relevante alternatieve stoffen
CertificeringsscopeGeen afzonderlijke certificering volgens de drie nieuwe koudemiddelgebiedenDrie deelgebieden op basis van de stoffen waarmee de onderneming werkt
VeiligheidVoornamelijk gericht op lekkagepreventie en verantwoord werken met F-gassenAanvullende veiligheidsprocedures voor brandbare, toxische en onder hoge druk toegepaste koudemiddelen
PersoneelPersoonscertificering volgens de eerdere BRL 200-structuurRelevante persoonscertificering volgens BRL 200 versie 2.0
KwaliteitsmanagementKwaliteitssysteem en F-gassenadministratie vereistUitgebreidere aantoonbaarheid van directieverantwoordelijkheid, interne controle, procedures en uitvoering
RegistratieLogboeken, werkregistraties en F-gassenbalansMeer aandacht voor volledige, actuele en herleidbare registraties per installatie, handeling, monteur en koudemiddel
AuditReguliere audit volgens versie 2.0Eerstvolgende reguliere audit wordt een transitie-audit naar versie 3.0
UitfaseringCertificaat kan tijdens de overgang geldig blijvenBRL 100 versie 2.0 vervalt uiterlijk op 31 augustus 2028

De officiële overgangsregeling voor BRL 100 versie 3.0 bevestigt dat de bestaande auditcyclus behouden blijft. De overgang vraagt dus niet automatisch om een extra audit, maar wel om tijdige voorbereiding.

1. De certificeringsscope omvat nu ook natuurlijke koudemiddelen

De certificeringsscope omvat nu ook natuurlijke koudemiddelen

BRL 100 versie 2.0 richtte zich vooral op werkzaamheden met gefluoreerde broeikasgassen. Onder BRL 100 versie 3.0 is de scope uitgebreid met natuurlijke koudemiddelen en enkele alternatieve stoffen.

De vernieuwde richtlijn is onder andere relevant voor werkzaamheden met:

  • F-gassen;
  • koolwaterstoffen, waaronder R290-propaan;
  • koolstofdioxide, oftewel CO₂ of R744;
  • ammoniak, oftewel NH₃ of R717;
  • alternatieve stoffen die in bepaalde brandbeveiligingsapparatuur worden toegepast.

Dat betekent dat meer ondernemingen met een BRL 100-certificering te maken kunnen krijgen. De uitbreiding raakt niet alleen traditionele koelinstallaties, airconditioningsystemen en warmtepompen. Ook bepaalde mobiele koeltoepassingen, koelwagens, koelaanhangwagens, reefers, intermodale koelcontainers en gekoelde treinwagons kunnen binnen de vernieuwde scope vallen.

Een bedrijfscertificaat is van toepassing wanneer een onderneming de betreffende werkzaamheden namens opdrachtgevers of andere derden uitvoert. Denk aan installatie, onderhoud, service, reparatie, lekcontrole, terugwinning of buitengebruikstelling van apparatuur.

Wat moet uw bedrijf controleren?

Begin met een volledige inventarisatie:

  • Met welke koudemiddelen werkt uw onderneming?
  • Aan welke soorten installaties en voertuigen werkt u?
  • Worden de werkzaamheden voor derden uitgevoerd?
  • Welke werkzaamheden voert iedere monteur daadwerkelijk uit?
  • Sluit de huidige certificeringsscope nog aan op deze activiteiten?

De uitbreiding naar natuurlijke koudemiddelen is slechts de eerste verandering. Omdat propaan, CO₂ en ammoniak verschillende risico’s en werkmethoden kennen, introduceert versie 3.0 ook een certificering per deelgebied.

2. BRL 100 versie 3.0 introduceert drie deelgebieden

ChatGPT Image Sep 1, 2026, 02_20_32 PM.png

Onder BRL 100 versie 3.0 wordt op het bedrijfscertificaat vermeld voor welke discipline de onderneming gecertificeerd is.

DeelgebiedStoffen en werkzaamheden
Deelgebied IF-gassen, koolwaterstoffen en relevante alternatieve stoffen voor brandbeveiligingsapparatuur
Deelgebied IIKoolstofdioxide, CO₂ of R744
Deelgebied IIIAmmoniak, NH₃ of R717

Een onderneming kan voor één of meerdere deelgebieden worden gecertificeerd. Werkt uw bedrijf bijvoorbeeld uitsluitend met F-gassen en propaan, dan is deelgebied I relevant. Voert u daarnaast werkzaamheden uit aan CO₂-installaties, dan moet ook deelgebied II binnen de scope van het certificaat vallen.

Wanneer een onderneming na certificering werkzaamheden in een nieuw deelgebied wil uitvoeren, is een uitbreiding van de certificeringsscope nodig. De certificerende instelling beoordeelt dan de aanvullende eisen voor dat deelgebied.

BRL 100 en BRL 200 zijn niet hetzelfde

BRL 100 regelt de bedrijfscertificering. De onderneming moet onder andere beschikken over passende procedures, een kwaliteitsmanagementsysteem, geschikte instrumenten en aantoonbaar vakbekwaam personeel.

BRL 200 regelt de persoonscertificering van de monteurs die de werkzaamheden uitvoeren. De benodigde persoonscertificering hangt af van het type koudemiddel en de werkzaamheden van de monteur.

Een BRL 100-bedrijfscertificaat vervangt dus niet het persoonlijke BRL 200-certificaat. Beide onderdelen moeten op elkaar aansluiten. Ook een zzp’er die certificaatplichtige werkzaamheden voor eigen opdrachtgevers uitvoert, kan zowel het relevante persoonscertificaat als het bedrijfscertificaat nodig hebben.

Leg daarom centraal vast:

  • Voor welk deelgebied uw onderneming is gecertificeerd;
  • Welke BRL 200-certificaten iedere monteur heeft;
  • Wanneer certificaten zijn uitgegeven en verlopen;
  • Welke monteur bevoegd is voor welke werkzaamheden;
  • Welke opleiding of hercertificering nog moet worden afgerond.

Met het certificatenbeheer voor koeltechniek van Syncentra kunt u bedrijfs- en monteurscertificaten, certificaatnummers, instanties en geldigheidsdatums op één centrale plek registreren.

De juiste certificaten zijn echter niet voldoende. De onderneming moet ook aantonen dat medewerkers in de praktijk veilig volgens de vastgelegde procedures werken.

3. Veilig werken moet uitgebreider worden vastgelegd

Veilig werken moet uitgebreider worden vastgelegd

Natuurlijke koudemiddelen hebben doorgaans een lage klimaatimpact, maar kunnen andere veiligheidsrisico’s veroorzaken. Koolwaterstoffen zoals propaan zijn brandbaar, CO₂-installaties werken vaak met hoge druk en hoge CO₂-concentraties kunnen gevaarlijk zijn. Ammoniak is toxisch en vraagt om specifieke veiligheidsmaatregelen.

Daarom besteedt BRL 100 versie 3.0 meer aandacht aan aantoonbaar veilig werken. De onderneming moet onderzoeken welke risico’s het werk kan veroorzaken voor medewerkers, andere aanwezigen en het milieu.

Monteurs moeten kunnen beschikken over:

  • Vastgelegde procedures en werkinstructies;
  • Geschikte instrumenten en meetmiddelen;
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen;
  • Passende lekdetectieapparatuur;
  • Informatie over de installatie en het gebruikte koudemiddel;
  • Duidelijke maatregelen voor incidenten en lekkages.

Wanneer is een Taak Risico Analyse nodig?

Bij risicovolle werkzaamheden aan stationaire installaties met koolwaterstoffen of brandbare F-gassen moet een Taak Risico Analyse, oftewel TRA, worden uitgevoerd wanneer brand- of explosiegevaar aanwezig kan zijn.

De TRA moet niet alleen bestaan op papier. Uit de registratie moet blijken:

  • Welke gevaren zijn vastgesteld;
  • Hoe groot het risico is;
  • Welke beheersmaatregelen zijn genomen;
  • Wie verantwoordelijk is voor de uitvoering;
  • Of een explosieveiligheidsdocument relevant is;
  • Of overleg met andere betrokken disciplines nodig was.

Werkzaamheden aan installaties met koolwaterstoffen moeten, wanneer relevant, ook binnen de toepasselijke ATEX- en arbokaders worden uitgevoerd.

Voor CO₂- en ammoniakinstallaties zijn aanvullende procedures, geschikte lekdetectiemiddelen en koudemiddelspecifieke veiligheidsmaatregelen nodig. Welke maatregelen precies nodig zijn, hangt af van de installatie, werkomgeving, werkzaamheden en aanwezige risico’s.

Gereedschap en meetmiddelen moeten aantoonbaar geschikt zijn

De certificerende instelling kan controleren of de onderneming voldoende geschikte instrumenten beschikbaar heeft en of deze op de voorgeschreven manier op hun goede werking worden gecontroleerd.

Denk onder meer aan:

  • Manometers en vacuümmeters;
  • Thermometers;
  • Weegschalen;
  • Lekdetectietoestellen;
  • Terugwinapparatuur;
  • Gereedschap voor brandbare koudemiddelen;
  • Kalibratie- en verificatiedocumenten.

Een losse gereedschapslijst is niet altijd voldoende. De onderneming moet kunnen aantonen welk gereedschap beschikbaar is, wanneer een controle is uitgevoerd en of het instrument geschikt was voor de betreffende opdracht.

Deze veiligheidsmaatregelen moeten vervolgens aansluiten op het kwaliteitssysteem en de dagelijkse werkregistratie. Dat brengt ons bij de vierde verandering.

4. Kwaliteitsmanagement en registratie worden belangrijker

Kwaliteitsmanagement en registratie worden belangrijker

BRL 100 versie 3.0 vraagt niet alleen om technisch correct werk. De onderneming moet aantonen dat procedures bekend zijn, worden toegepast en periodiek worden gecontroleerd.

De directie moet aantoonbaar betrokken zijn bij de ontwikkeling en instandhouding van het kwaliteitsmanagementsysteem. Daar hoort een beleidsverklaring bij waarin onder andere aandacht wordt besteed aan:

  • Continue verbetering en periodieke interne audits;
  • Het voorkomen van lekkage van F-gassen;
  • Veilig werken met natuurlijke koudemiddelen en F-gassen;
  • Naleving van relevante wet- en regelgeving;
  • Instructie en vakbekwaamheid van medewerkers;
  • Het informeren van opdrachtgevers over hun verplichtingen;
  • Maatregelen bij herhaaldelijke lekkages.

Procedures mogen dus niet alleen in een kwaliteitshandboek staan. Tijdens een BRL 100-audit kan worden onderzocht of monteurs de procedures kennen en daadwerkelijk in de praktijk toepassen.

Werkregistratie en logboek

Van iedere relevante handeling aan een installatie moet een werkregistratie worden opgesteld. De gegevens worden aan het logboek van de installatie toegevoegd en aan de eigenaar of exploitant overgedragen. Dit mag ook digitaal.

Afhankelijk van de installatie en werkzaamheden kan de registratie onder andere bestaan uit:

  • Klant en locatie;
  • Gegevens van de installatie en het zelfstandige koelcircuit;
  • Naam van de onderneming en uitvoerende monteur;
  • Bedrijfs- en persoonscertificaat;
  • Type en hoeveelheid koudemiddel;
  • Toegevoegde of teruggewonnen hoeveelheid;
  • Reden van bijvulling of terugwinning;
  • Datum en resultaat van de lekcontrole;
  • Oorzaak van een geconstateerde lekkage;
  • Uitgevoerde reparatie en herstelmaatregelen;
  • Drukbeproeving, vacumeren en gemeten waarden;
  • Gebruikte instrumenten;
  • Werkbonnen, notities en relevante foto’s.

Met de werkordersoftware voor koeltechniekbedrijven kunnen werkorders, foto’s, notities, uren, materialen en de uitvoerende monteur centraal aan een opdracht worden gekoppeld.

F-gassenbalans vóór 1 maart

Voor ieder type F-gas waarmee de onderneming werkt, moet jaarlijks een F-gassenbalans worden opgesteld. Deze balans moet uiterlijk vóór 1 maart over het voorgaande kalenderjaar beschikbaar zijn.

De balans bevat gegevens in kilogrammen én CO₂-equivalenten, waaronder:

  • Voorraad aan het begin van het kalenderjaar;
  • Ingekochte hoeveelheid;
  • Teruggewonnen hoeveelheid;
  • Verkochte of bijgevulde hoeveelheid;
  • Doorverkochte hoeveelheid;
  • Afgevoerde hoeveelheid;
  • Berekende eindvoorraad;
  • Werkelijk gewogen eindvoorraad.

Wanneer de berekende en werkelijke voorraad van elkaar afwijken, moet de onderneming de oorzaak onderzoeken en een verbeterplan opstellen om vergelijkbare verschillen te voorkomen.

Met de software voor koudemiddelregistratie kunt u koudemiddelflessen, begininhoud, verbruik, resterende voorraad, toegewezen monteurs en gekoppelde werkorders centraal registreren. Controleer samen met uw certificerende instelling welke aanvullende overzichten, procedures en bewijsstukken voor uw specifieke BRL 100-scope nodig zijn.

Syncentra is ontwikkeld vanuit de dagelijkse koeltechniekpraktijk van MEP Koeltechniek. Bekijk ook de certificatenpagina van MEP Koeltechniek voor meer informatie over deze praktijkomgeving.

Software kan de registratie en aantoonbaarheid ondersteunen, maar vervangt nooit de officiële BRL, het kwaliteitshandboek, de vereiste certificaten, veiligheidsprocedures of de beoordeling door een certificerende instelling.

Wanneer procedures en registraties zijn bijgewerkt, is de volgende vraag wanneer uw onderneming daadwerkelijk volgens versie 3.0 wordt geaudit.

5. De eerstvolgende reguliere audit wordt een transitie-audit

De eerstvolgende reguliere audit wordt een transitie-audit

BRL 100 versie 3.0 is formeel op 31 augustus 2026 in werking getreden. Toch hoeft niet ieder bestaand bedrijf direct een afzonderlijke audit aan te vragen.

Voor bestaande certificaathouders blijft de normale audit- en certificatiecyclus gelden. Vindt de eerstvolgende reguliere audit na 31 augustus 2026 plaats? Dan wordt die audit uitgevoerd als transitie-audit.

Deze transitie-audit:

  • Is geen nieuwe initiële beoordeling;
  • Vervangt de reguliere audit op dat moment;
  • Maakt volledig deel uit van de bestaande certificatiecyclus;
  • Leidt niet automatisch tot een aanvullende inspectie binnen zes maanden;
  • Beoordeelt zowel de processen als de praktische toepassing van BRL 100 versie 3.0.

Na een positieve certificatiebeslissing wordt het certificaat binnen dezelfde lopende cyclus voortgezet volgens versie 3.0.

Nieuwe certificatieaanvragen

Dient een onderneming na 31 augustus 2026 voor het eerst een aanvraag in? Dan wordt de aanvraag uitsluitend beoordeeld volgens BRL 100 versie 3.0.

Bij een reguliere nieuwe aanvraag beoordeelt de certificerende instelling eerst het kwaliteitssysteem. Daarna volgt binnen het geldende certificeringstraject een inspectie van de praktische implementatie.

De certificerende instelling moet wel voor BRL 100 versie 3.0 geaccrediteerd zijn voordat zij de betreffende initiële beoordelingen en inspecties mag uitvoeren. Vraag daarom vooraf aan uw certificerende instelling hoe dit voor uw aanvraag en planning is geregeld.

Belangrijke deadlines

  • 31 augustus 2026: BRL 100 versie 3.0 treedt formeel in werking.
  • Na 31 augustus 2026: nieuwe aanvragen worden volgens versie 3.0 beoordeeld.
  • Eerstvolgende reguliere audit: overgang naar versie 3.0 via een transitie-audit.
  • 31 augustus 2028: certificaten onder BRL 100 versie 2.0 vervallen uiterlijk.
  • 30 november 2028: uiterste hersteltermijn in de specifieke situaties die onder de overgangsregeling vallen.

Een geldig versie 2.0-certificaat kan tijdens de overgangsperiode dus nog geldig blijven. Dat betekent echter niet dat een bedrijf tot 2028 moet wachten met het aanpassen van de werkwijze. Volgens de actuele toelichting moeten bedrijven vanaf 31 augustus 2026 kennisnemen van versie 3.0 en hun processen op de toepasselijke eisen afstemmen.

BRL 100 versie 3.0-checklist voor koeltechniekbedrijven

Gebruik deze praktische checklist om uw onderneming voor te bereiden op de BRL 100-audit na 31 augustus 2026:

  • Inventariseer alle koudemiddelen, installaties en mobiele koeltoepassingen;
  • Bepaal welke van de drie deelgebieden voor uw bedrijf relevant zijn;
  • Controleer of de scope van uw bedrijfscertificaat aansluit op uw werkzaamheden;
  • Controleer de BRL 200-certificaten en geldigheidsdatums van alle monteurs;
  • Werk het kwaliteitshandboek en de beleidsverklaring van de directie bij;
  • Leg procedures voor F-gassen, koolwaterstoffen, CO₂ en ammoniak vast;
  • Bepaal wanneer een TRA, LMRA of andere risicobeoordeling nodig is;
  • Controleer gereedschappen, meetmiddelen, lekdetectieapparatuur en PBM’s;
  • Bewaar kalibratie-, verificatie- en controlegegevens centraal;
  • Koppel koudemiddelgebruik aan de juiste werkorder, locatie en monteur;
  • Controleer of iedere installatie over een actuele werkregistratie en een logboek beschikt;
  • Bereid de jaarlijkse F-gassenbalans vóór 1 maart voor;
  • Onderzoek en verklaar verschillen tussen de berekende en werkelijke voorraad;
  • Voer een interne controle of proefaudit uit;
  • Bespreek onduidelijkheden ruim vóór de audit met uw certificerende instelling.

Veelgestelde vragen over BRL 100 versie 3.0

1 - Wanneer gaat BRL 100 versie 3.0 in?

BRL 100 versie 3.0 is op 31 augustus 2026 formeel in werking getreden. Nieuwe certificatieaanvragen na deze datum worden uitsluitend volgens versie 3.0 beoordeeld.

2 - Is mijn BRL 100 versie 2.0-certificaat direct ongeldig?

Nee. Bestaande certificaten kunnen binnen de overgangsregeling geldig blijven. BRL 100 versie 2.0 vervalt uiterlijk op 31 augustus 2028. Uw exacte audit- en certificatiedatum blijft daarbij belangrijk.

3 - Moet ik vanwege versie 3.0 direct een extra audit aanvragen?

Nee. Voor bestaande certificaathouders blijft de reguliere auditcyclus behouden. De eerstvolgende reguliere audit na 31 augustus 2026 wordt als transitie-audit uitgevoerd.

4 - Wat verandert er met BRL 100 versie 3.0?

De belangrijkste veranderingen zijn de uitbreiding naar natuurlijke koudemiddelen, certificering volgens drie deelgebieden, aanvullende veiligheidsprocedures en uitgebreidere aantoonbaarheid van kwaliteitsmanagement, vakbekwaamheid en registratie.

5 - Geldt BRL 100 versie 3.0 ook voor propaan?

Ja. Koolwaterstoffen zoals R290-propaan vallen binnen deelgebied I. Bij risicovolle werkzaamheden aan installaties met brandbare koudemiddelen moet extra aandacht worden besteed aan brand- en explosierisico’s.

6 - Wat is het verschil tussen BRL 100 en BRL 200?

BRL 100 is de certificeringsrichtlijn voor ondernemingen. BRL 200 heeft betrekking op de vakbekwaamheid en persoonscertificering van monteurs. Een bedrijf moet beschikken over voldoende medewerkers met de relevante persoonscertificaten voor de werkzaamheden die worden uitgevoerd.

7 - Geldt BRL 100 versie 3.0 ook voor zzp’ers?

Een zzp’er die certificaatplichtige werkzaamheden namens eigen opdrachtgevers uitvoert, kan zowel het relevante persoonscertificaat als een BRL 100-bedrijfscertificaat voor het betreffende deelgebied nodig hebben.

8 - Kan software mijn bedrijf automatisch BRL 100-compliant maken?

Nee. Software kan werkorders, certificaten, koudemiddelflessen, gebruikslogs en andere operationele gegevens centraal vastleggen. De onderneming blijft zelf verantwoordelijk voor het kwaliteitssysteem, de procedures, vakbekwaamheid, veiligheid en naleving. De officiële BRL en het oordeel van de certificerende instelling zijn altijd leidend.

Wacht niet tot de transitie-audit

BRL 100 versie 3.0 is nu van kracht. De grootste fout is daarom wachten tot de auditor voor de deur staat. Begin met het bepalen van uw deelgebieden, controleer de certificaten van uw monteurs en zorg dat werkorders, koudemiddelregistraties en bewijsstukken volledig en snel terug te vinden zijn.

Wilt u werkorders, monteurs, certificaten en koudemiddelflessen vanuit één omgeving beheren? Plan een gratis persoonlijke demo van Syncentra en ontdek welke modules bij uw koeltechniekbedrijf passen.

Officiële en aanvullende bronnen

Terug naar alle artikelen